Intellectueel prikkelende dans van Jan Martens maar minder speels dan gewoonlijk; foto: Ravi Rezvani
4

Wildsong - NDT, Jan Martens, Marcos Morau

Rebelse snoepketting vol moderne dans

Gezien op: 

5 februari 2026 in Amare, Den Haag

Te zien t/m: 

22 maart 2026

Met de wereldpremière Kid in a Candy Shop van Jan Martens en de reprise van Horses van Marcus Mauro laat Nederlands Dans Theater zien dat de moderne dans in beweging is.

Als kind in een snoepwinkel, zo omschreef Jan Martens (België) zijn uitverkiezing en het samenwerken met de dansers van Nederlands Dans Theater. De Vlaming maakte er bij de dansgroep subiet de titel van voor zijn nieuwe choreografie. Het werk maakt deel uit van het avondvullende tourneeprogramma Wildsong, met ook het werk Horses van associate choreographer Marco Morau. Wildsong wordt geheel omlijst door live uitgevoerde muziek door Het Balletorkest, dit keer onder leiding van Matthew Rowe, altijd weer en aantoonbaar een meerwaarde.

Jan Martens maakt dans die denkt én zweet. Martens (1984) werk wordt gevoed door de overtuiging dat elk lichaam kan communiceren, dat elk lichaam iets te vertellen heeft. Hij draagt Kid in a Candy Shop op aan Hans van Manen (1932), die afgelopen december overleed. Eenvoud, strakke lijnen en een sterke focus op menselijke relaties, vaak zonder franje of opsmuk, dat waren de krachttermen van van Manen. Bij Martens zien we zulks in dit nieuwe werk niet een, twee, drie terug. Wel zien we de muzikaliteit die ook Van Manen altijd aan de dag legde. Martens maakt die vooral tastbaar door de 28 dansers de muziek te laten uitbeelden, de structuren van de muziek en aldus de partituur een gezicht te geven. Maar soms gebeurt dat al te letterlijk. Er is geen narratief, maar wel zijn er vaak aan vogue en vogueing referende poses en zijn er tal van videoprojecties te zien op het achterdoek, terwijl enigszins sputterende en triggerende lichtstanden de dansers mooi en ook spannend belichten, maar daardoor soms ook bewust lijken te haperen als bij een fragmentarische stroomuitval.

Ook de keuze voor de muziek is gedurfd, ingegeven door zijn waarneming dat in de danswereld en de klassieke muziekwereld het vaak mannelijke componisten zijn die in de schijnwerpers staan, met voorkeur voor namen als Bach, Reich en Glass. Hij koos daarom voor muziek van componisten Julia Wolfe en Hanna Kulenty – met voor een groot deel het klavecimbel, virtuoos en ‘punky’ bespeeld door Goska Isphording, voluit in de schijnwerpers.
De uiteenlopende maatsoorten in de muziek nopen tot een voortdurend en buitengewoon alert tellen, bij dansers én bij de musici. Dansen in het moment, dat beoogt Martens ermee. Maar dat maakt Martens’ werk helaas ook tot een (te) technische exercitie, ook voor het publiek – en in ieder geval voor mij. Intellectueel prikkelend, maar minder speels dan gewoonlijk bij Martens.

Horses
Van een geheel andere snit en toonaard is Horses. Morau, eerder regisseur en fotograaf dan choreograaf, maakte het filmische, geestige, vervreemdende en avontuurlijke werk in 2024 voor NDT, en het wordt nu in reprise gebracht. We zien straatscènes met naast de dansers een aantal lantaarnpalen in de hoofdrol. In een sinistere setting zijn we in het halfduister getuige van gevechten, van Nosferatu-achtige momenten en van een elektrisch aangedreven (golf?, werkmans?) karretje dat tersluiks opduikt. Danstechnisch gezien is het knap hoe velen van de dansers er slapstick van weten te maken, zo ontpoppen ze zich geregeld tot duw- en/of drukpopjes die op commando volledig slap hangen, ineenstorten.

Waar moet dat heen, hoe zal dit gaan, denk je onwillekeurig, maar aan het einde van de choreografie voor elf dansers wordt het duidelijk: Morau wil laten zien wat ‘je verloren voelen’ kan zijn. Als mens in de moderne tijd overkomt dat gevoel iedereen weleens, lijkt hij te willen uitdrukken. De mens als een paard dat in mensenhanden is getemd, en dus niet langer vrij is. Vandáár dat gereciteerde gedicht (naar Pablo Neruda) over schoenen dat erin voorkomt, schoenen dus, per saldo de paardenhoeven van de mens.

En de titel dan, Wildsong? Die verwijst naar het vermeende ‘rebelse’ karakter van de twee choreografen.
 

Meer weten

Genre: