
Masters of Movement – Het Nationale Ballet
Brandsen, bedankt!
Gezien op:
Te zien t/m:
Dit programma is het laatste reguliere programma dat Ted Brandsen, vertrekkend artistiek directeur van het Nationale Ballet, heeft samengesteld. Huppelend kan hij zijn werkplek verlaten in de wetenschap dat hij met een supertrio zijn publiek wederom een fantastische dansavond heeft bezorgd.
Drie balletten schotelt Ted Brandsen ons voor. Het eerste is meteen van een verpletterende schoonheid. Decor (John Otto), licht (Bert Dalhuysen), kostuums (Yumiko Takeshima) alles klopt, móést zo zijn bij het stuk Empire Noir van David Dawson, de man die ooit vijf jaar bij Het Nationale Ballet danste en inmiddels is uitgegroeid tot vaak gelauwerd choreograaf met een groot oeuvre. Empire Noir maakte hij in 2015 voor Het Nationale Ballet. Het hangende decor doet aan het werk van architect Zaha Hadid denken. Eronder danst het crème de la crème een snelle, rijke choreografie, expressief en vol lading, alsof elke begaafde danser er ook nog eens zijn/haar persoonlijkheid in mocht/moest stoppen. Bijzonder is dat componist Greg Haines zijn stuk speciaal voor dit ballet schreef, zelfs in nauwe samenwerking met David Dawson. Titel: Empire Noir. De muziek vol moderne elementen wordt sprankelfris uitgevoerd door Het Balletorkest onder leiding van Nathan Brock.
Even pauze – happen naar adem, toeleven naar het volgende ballet – is dan best lekker. Om vervolgens op waarschijnlijk Gustav Mahlers grootste hits – práchtig! – een verdrietig drama voorgeschoteld te krijgen van de Amerikaans-Oekraïens-Russische choreograaf Alexei Ratmansky: Solitude. Hoofdrolspeler is Tom Holland – néé, niet de in Billy Elliot the Musical dansende en acterende Britse acteur, die uitgroeide tot Spider-Man, maar een in 2012 geboren menneke dat op de Nationale Ballet Academie zit. Een toneelpersoonlijkheidje in de dop. Het is de Europese première voor dit ballet. Een foto van een vader die onbeweeglijk geknield bij zijn dertienjarige omgekomen zoon zit, zijn hand in die van de dode, stond zo op het netvlies gegrift van Ratmansky, wiens familie en schoonfamilie in Oekraïne wonen, dat die foto het openingsbeeld (en slotbeeld) werd van Solitude, gemaakt in 2024 voor New York City Ballet. Mooi wat hij in het programmaboekje tegen Astrid van Leeuwen over zijn muziekkeus zegt: ‘Zelf had ik nog nooit eerder muziek van Mahler gebruikt en ook voor New York City Ballet was het de eerste keer. (...) voor dit ballet was het een onontkoombare keuze: naast de grote muzikale kwaliteit, heeft de muziek ook zóveel hart, zóveel gewicht, ze lijkt echt te gaan over wat ons mens maakt.’ Opvallend hoe hier een zwaar, weliswaar multi-interpretabel verhaal wordt verteld zonder dat het ook maar ergens kitsch of larmoyant wordt. Een prestatie van formaat levert ook ‘vader’ Young Gyo Choi, die na bijna tien minuten bewegingsloos naast ‘zijn zoon’ Tim Holland te hebben gezeten een intense solo danst. Geweldig groepsstuk, lust voor het oog, ook door de heel verschillende kostuums van Moritz Junge, die hiermee duidelijk lijkt te maken dat oorlogsellende iedereen in alle bevolkingslagen kan treffen, direct of indirect.
Krzystof Pastors Refraction is het derde stuk van de avond en dat heeft door achterwand en kostuums en groepsdansdelen bij tijd en wijle iets van een showpiece, een glitter-en-glamourballet. De duetten in het tweede en de solo’s in het derde deel laten echter zien dat het een stuk van hoog niveau betreft. Pastor danste bij Het Nationale Ballet in de tijd dat Ted Brandsen hier ook danste. Eind jaren tachtig maakten beiden hun eerste stukken tijdens een choreografieworkshop. Dit stuk creëerde Pastor speciaal voor deze afscheidsavond van Ted Brandsen. Hij gebruikte hierbij Philip Glass’ Vioolconcert nr. 1 – ha, dus even de geweldige Sarah Oates, vioolsolist, noemen! Pastor wilde met zijn stuk de kwaliteiten van de Amsterdamse dansers laten zien. Bij het maken van Refraction beschouwde hij de dansers als scheppingspartners. Met zijn tien jaar als danser en later nog veertien jaar als huischoreograaf is er een nauwe band met Het Nationale Ballet. Met de vertrekkend artistiek directeur is hij al veertig jaar bevriend. Misschien dat deze ode aan Brandsen/HNB ook een feestelijke openingsdans had kunnen zijn. Het indrukwekkende Empire Noir was sowieso een schitterend slotstuk geweest.
Hoe dan ook: Brandsen, bedankt!

